Gulden

Zeeland (1763-1764)
Macasuba.nl
Denominatie 1 gulden
Zeeland (1763-1764)

ZEELAND


Het recht op muntslag in de provincie Zeeland werd met name door de provincie Holland betwist. De (decentrale) politieke verhoudingen lieten echter toe dat Zeeland in 1580 toch een eigen munthuis kon openen. Op het gebied van de muntslag bleven de verhoudingen tussen de beide gewesten slecht. Waar Holland pleitte voor het bovengewestelijk belang van een geordend muntwezen, koos Zeeland een eigen koers. Hetgeen bijvoorbeeld resulteerde in te lichte Zeeuwse daalders, 1/3 en 1/6 snaphaanschellingen en "illegale" 1/4 en 1/8 rijksdaalders van een te laag gehalte. Gezien de eigengereidheid op muntgebied, is het bijna verwonderlijk dat er in Zeeland nog 1 gulden stukken zijn geslagen. Dit is tenslotte de ultieme generaliteitsmunt.


Er bestaan guldens van het jaar 1763, waarbij de "3" uit het jaartal enigszins misvormd is. In een aantal gevallen (veilingcatalogi) is gesuggereerd dat het hierbij zou gaan om een overslag 1763/1762. Het gaat hierbij echter gewoon om een wat eigenaardig gesneden "3" in de cijferponsoenen. J.C. van der Wis leverde hiervoor het overtuigend bewijs door te wijzen op het bestaan van Zeeuwse scheepjesschellingen waarvoor dezelfde ponsoenen zijn gebruikt (Beeldenaar 1998-4). Diverse auteurs en catalogi (Zonnebloem-catalogus, 5e editie) vermelden tevens guldens met het jaartal 1765. Van dit jaartal is slechts een gouden afslag bekend (Collectie De Nederlandse Bank). Zilveren exemplaren zijn niet aangetroffen.



          
Zonder punt onder de GL (kroon heeft 9 juwelen)


met punt onder de GL - kroon met 7 ronde juwelen

    
  * GL met punt, en 9 juwelen in kroon



HAC NITIMV - HANCTVEMVR
MO.ARG.ORD.FOE.BELG.ZELANDIA(E)
Gewicht: 10,61 gram, Gehalte 920/1000

Muntmeester: Martinus Holtzhey Jr (1760-1788)
Stempelsnijder: Johan Matthias Holtzhey

Aanmunting in muntbusperiode 10-12-1762 t/m 11-02-1764: 214.390 guldens

    1763, D.1181
    1764, D.1181
    1795,
    1791, Sch.72


Gulden
Zeeland (1763-1764)